Monoblock airco met R290: waarom veiligheid en normconformiteit belangrijk zijn
Niet iedere monoblock airco zonder buitenunit is veilig toepasbaar in een normale woonruimte. Sommige vaste wandmodellen bevatten circa 290 gram R290, bijna het dubbele van de belangrijke 150 gram-grens voor propaan. Volgens KIWA-rapport 554/23/03497/BT komt de normberekening voor zo’n toestel uit op circa 133 m² minimale ruimte, terwijl het toestel als geschikt vanaf 15 m² werd gepresenteerd.
Monoblock airco met R290: waarom 290 gram propaan een serieus veiligheidsrisico is
Een monoblock airco zonder buitenunit lijkt een eenvoudige oplossing: een vast toestel aan de binnenwand, twee muurdoorvoeren naar buiten en geen zichtbare buitenunit aan de gevel. Toch is er één technisch punt dat bij dit type toestel cruciaal is voor de veiligheid: het koudemiddel.
Sommige monoblock airco’s gebruiken R290, oftewel propaan. Dat is een efficiënt koudemiddel met een lage milieu-impact, maar het is ook een brandbaar gas. Daarom gelden er strikte veiligheidsregels voor airco’s en warmtepompen die met R290 werken.
Die regels zijn geen formaliteit. Bij een lekkage kan propaan in de ruimte vrijkomen. In een kleine of slecht geventileerde ruimte kan dan een brandbaar gas-luchtmengsel ontstaan. In combinatie met een ontstekingsbron — bijvoorbeeld elektrische componenten, een schakelaar, stekker of relais — kan dat leiden tot brand- of explosiegevaar.

De 150 gram-grens bij R290
Bij vaste airco- en warmtepomptoestellen met R290 is de hoeveelheid koudemiddel doorslaggevend. R290 is propaan en valt in de categorie brandbare koudemiddelen. Daarom wordt in de veiligheidsnorm IEC/EN 60335-2-40:2022, Annex GG gekeken naar de koudemiddelvulling, minimale ruimtegrootte, installatiehoogte en ventilatievoorwaarden.
Een belangrijke grens in deze beoordeling is 150 gram R290. Deze grens is bedoeld om het risico bij een volledige lekkage te beperken. Blijft een toestel rond deze hoeveelheid, dan blijft de potentiële hoeveelheid vrijkomend propaan relatief beperkt.
Een toestel met circa 290 gram R290 zit daar echter ver boven. Dat is bijna het dubbele van deze kritische grens. Daarmee wordt de toepassing veel zwaarder: de ruimte moet aantoonbaar groot genoeg zijn, de installatiehoogte moet kloppen, ontstekingsbronnen moeten worden beoordeeld en aanvullende veiligheidsvoorzieningen zoals lekdetectie of mechanische ventilatie kunnen noodzakelijk worden.
KIWA-rapport: 15 m² op het label, 133 m² volgens de normberekening
In het KIWA-testrapport 554/23/03497/BT is een monoblock airco met 290 gram R290 beoordeeld aan de hand van IEC/EN 60335-2-40:2022, Annex GG. Volgens de berekening in dit rapport voldoet het toestel niet aan de eisen voor minimale ruimtegrootte en ventilatie bij brandbaar koudemiddel.
Het toestel werd volgens de documentatie/labeling gepresenteerd als geschikt vanaf 15 m². De normberekening komt echter uit op minimaal 17 m² volgens de ondergrensformule en zelfs 133 m² in de strengere worst-case berekening. Omdat de norm voorschrijft dat de minimale ruimte niet lager mag zijn dan de zwaarste relevante uitkomst, betekent dit dat het toestel in deze configuratie pas vanaf circa 133 m² normconform toepasbaar zou zijn.
Dat verschil is groot. Een consument kan bij “geschikt vanaf 15 m²” denken aan een slaapkamer, werkkamer of kleine woonkamer. Maar volgens de normberekening past een toestel met 290 gram R290 en deze installatiecondities juist niet in dat soort normale woonruimtes.
Mobiel op papier, vast aan de wand
Een belangrijk punt is hoe deze toestellen worden gepositioneerd. Dit type monoblock airco wordt soms als mobiele airco behandeld of gepresenteerd. In de praktijk klopt dat beeld niet met het gebruik.
De toestellen worden vast aan de wand gemonteerd en aangesloten via muurdoorvoeren. Ze staan niet tijdelijk met een slang uit het raam, maar functioneren als een vaste airco/warmtepomp zonder buitenunit. Volgens de beschikbare analyse gaat het om een vaste wandopstelling, oftewel een fixed appliance, waarvoor strengere eisen gelden bij brandbare koudemiddelen.
Voor de veiligheid moet de feitelijke toepassing leidend zijn. Een toestel dat jarenlang vast in een slaapkamer, woonkamer, kantoor of appartement hangt, moet worden beoordeeld als vast gemonteerd elektrisch toestel met brandbaar koudemiddel. Niet als een verplaatsbare mobiele airco.
Welke toestellen worden hiermee bedoeld?
Volgens de beschikbare analyse en marktvergelijking gaat het om toestellen die technisch vergelijkbaar zijn en circa 290 gram R290 gebruiken. Deze toestellen worden als niet-normconform beoordeeld voor toepassing onder de genoemde condities:
| Model | Koudemiddel | Hoeveelheid | Beoordeling |
| Qlima WDH 229 PTC | R290 / propaan | ca. 290 g | Niet conform EN/IEC 60335-2-40 |
| AirExchange 12-R | R290 / propaan | ca. 290 g | Niet conform EN/IEC 60335-2-40 |
| Maxicool TC12E-Monobloc / Thermocomfort-cluster | R290 / propaan | ca. 290 g | Niet conform EN/IEC 60335-2-40 |
| Trotec PAC-W 2200 S | R290 / propaan | ca. 290 g | Niet conform EN/IEC 60335-2-40 |
| Evolar EVO-M1000CH | R290 / propaan | ca. 290 g | Niet conform EN/IEC 60335-2-40 |
De ernst zit niet alleen in het getal 290 gram. De ernst zit in de combinatie: een vaste wandairco, brandbaar propaan, toepassing in woonruimtes, elektrische componenten en een opgegeven minimale ruimte die niet aansluit bij de normberekening.
Waarom dit geen klein technisch detail is
Bij een airco kun je discussiëren over geluid, design, rendement of prijs. Bij brandbaar koudemiddel ligt dat anders. Hier gaat het om productveiligheid.
Een toestel met bijna 300 gram propaan in een normale woonruimte moet aantoonbaar voldoen aan de relevante veiligheidsnormen. Als dat niet zo is, dan is dat geen administratieve tekortkoming maar een serieus risico. Zeker wanneer consumenten op basis van de productinformatie denken dat het toestel veilig toepasbaar is in veel kleinere ruimtes dan de normberekening toelaat.
Volgens de analyse ontbreken bij de genoemde toestellen bovendien voorzieningen zoals lekdetectie, mechanische ventilatie of automatische uitschakeling bij lekkage. Daardoor ontstaat juist in kleinere ruimtes een verhoogd risico op brandbare gasconcentraties en ontsteking.
Het verschil met Innova monoblock airco’s
Itec verkoopt Innova monoblock airco’s omdat deze zijn ontworpen voor veilige, vaste toepassing zonder buitenunit.
De meeste Innova-modellen werken met R32. R32 is niet volledig onbrandbaar, maar valt in een lagere brandbaarheidsklasse dan R290 en is daardoor minder kritisch dan propaan in deze toepassing.
Het Innova-model dat wél R290 gebruikt, blijft juist rond de beperkte koudemiddelvulling van 150 gram. Dat is een wezenlijk verschil met toestellen die circa 290 gram R290 bevatten. In de aangeleverde analyse wordt de Innova R290-uitvoering ook expliciet tegenover de 290 gram-toestellen geplaatst als toestel dat onder de kritische grens blijft.
Kort samengevat:
| Type toestel | Koudemiddel | Veiligheidspositie |
| Innova 2.0 10HP-18HP | R32 | Lagere brandbaarheid dan R290 |
| Innova 2.0 9HP mini | R290 | Beperkte vulling max 150 g |
| Diverse concurrerende monoblocks | R290 | Ca. 290 g; volgens analyse niet EN/IEC 60335-2-40 conform |
Kies voor een monoblock airco die wél aan de veiligheidsnorm voldoet

Een monoblock airco zonder buitenunit moet niet alleen goed koelen en verwarmen. Het toestel moet ook veilig en toepasbaar zijn in de ruimte waar het wordt geplaatst.
Wie kiest voor een monoblock airco zonder buitenunit, moet daarom niet alleen kijken naar prijs, vermogen en geluidsniveau. Controleer ook welk koudemiddel wordt gebruikt, hoeveel gram koudemiddel in het toestel zit en of het toestel voldoet aan de relevante veiligheidsnormen.
Advies nodig?
Wilt u weten welk Innova-model geschikt is voor uw woning, kantoor, appartement of VvE-situatie? Itec helpt u graag bij de juiste keuze. Wij kijken niet alleen naar koelvermogen en geluidsniveau, maar ook naar plaatsing, ruimtegrootte, gebruikssituatie en veiligheid.
Bekijk onze Innova monoblock airco’s of neem contact op voor advies.











